Belastingtips van Duisenburgh!

Het einde van het jaar nadert! Duisenburgh geeft u graag nog wat belastingtips.

Heeft u vragen over een van de onderwerpen, of wenst u graag meer informatie?

Neem dan vrijblijvend contact op met een van onze adviseurs. Wij helpen u graag verder.

U kunt ons bereiken via 040-22 22 112 of kijk op onze website www.duisenburgh.nl.

 

Afkoop levenslooptegoed: in 2015 nogmaals 80%-regeling

In 2015 mogen belastingplichtigen fiscaal voordelig hun levenslooptegoed in één keer opnemen. Van dat tegoed is dan 80% belast.   De levensloopregeling is inmiddels afgeschaft. Had u echter op 31 december 2011 op uw levenslooprekening € 3.000 of meer staan, dan kunt u tot en met het jaar 2021 blijven deelnemen aan de levensloopregeling. Vanaf 2012 bouwt u echter geen levensloopverlofkorting meer op. U kunt het tegoed bestedingsvrij en volledig belast opnemen. In 2013 bestond de mogelijkheid om het tegoed ineens op te nemen. Dan was 80% van de waarde van de levensloopaanspraken op 31 december 2011 belast. Dezelfde regeling wordt nu nog eens ingevoerd in 2015. Dan geldt de 80%-regeling voor het bedrag van de aanspraken op 31 december 2013. Het overige tegoed (opgebouwd in 2014) is wel volledig belast.

 

Maak nog in 2014 gebruik van de tijdelijke verruiming van de schenkvrijstelling

Voor kinderen geldt een eenmalige verhoogde vrijstelling van € 25.096. Deze vrijstelling wordt extra verhoogd tot maximaal € 52.281 (2014), wanneer het geld wordt gebruikt voor de eigenwoning (dus niet voor een tweede woning) van het kind. Tot 1 januari 2015 geldt echter voor iedereen een vrijstelling van (maximaal) € 100.000 wanneer de schenking wordt gedaan ten behoeve van de eigen woning. De beperking dat de schenking moet zijn gedaan van een ouder aan een kind tussen de 18 en 40 jaar, geldt voor deze tijdelijke vrijstelling niet. Dit betekent dat iedereen van een familielid of van een derde belastingvrij een schenking kan ontvangen van maximaal € 100.000, mits dit geld wordt besteed aan een woning.

 

Voorlopige aanslag 2015

Bij sommige belastingplichtigen is de voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2015 al op de deurmat gevallen. Op basis van deze voorlopige aanslag betaalt u maandelijks een gedeelte van de inkomstenbelasting over 2015, of ontvangt u maandelijks een voorschot van de belastingdienst. Het is verstandig deze voorlopige aanslag goed te controleren. Is het bedrag aan inkomen en vermogen op de voorlopige aanslag veel te laag, dan moet u later bij de aangifte inkomstenbelasting een flink bedrag (plus eventueel belastingrente) bijbetalen. Om dit te voorkomen, is het verstandig de voorlopige aanslag te wijzigen. Dit kan natuurlijk ook andersom het geval zijn: verwacht u een lager inkomen dan vermeld op de voorlopige aanslag, dan kunt u dit wijzigen. Hierdoor wordt het te betalen bedrag per maand verlaagd.

 

Uitkeren van dividend of vervreemden van aanmerkelijk belangaandelen in 2014

In 2014 is het aanmerkelijk belangtarief tijdelijk verlaagd van 25% naar 22% voor de eerste € 250.000 (fiscale partners € 500.000). Door een dividenduitkering of verkoop van uw aandelen nog in 2014 te verrichten, bespaart u dus maximaal € 7.500 netto (3% over maximaal € 250.000). Voor fiscale partners geldt het dubbele bedrag. Let er wel op dat er voldoende ruimte is om dividend uit te keren. Vooral bij BV’s met een pensioenvoorziening is voorzichtigheid geboden.

 

Veranderingen in gebruikelijk loon

Als DGA wordt u geacht minimaal een gebruikelijk loon te genieten. De regels met betrekking tot het vaststellen van het gebruikelijk loon gaan op een aantal punten veranderen. In principe gebeurt dat al per 1 januari 2015, al geldt er voor DGA’s die een ruling hebben met de Belastingdienst en die door de Belastingdienst niet is opgezegd een overgangsregeling. Die houdt ruwweg in dat uw gebruikelijk loon, als dat in 2013 meer bedroeg dan € 43.000, in 2015 op 75/70 van dat bedrag moet worden gesteld. Maar ook hierop gelden uitzonderingen.

 

DGA: overweeg te stoppen met verdere pensioenopbouw

Een goed pensioen is een waardevolle bezitting. Het geeft financiële rust als u als DGA stopt met werken. Het is dan ook zaak om zorgvuldig om te gaan met uw opgebouwde pensioenrechten in uw BV. Ook partnerpensioen moet uiteraard goed geregeld zijn. Een oudedagsvoorziening hoeft echter niet per se via een pensioen plaats te vinden, maar kan ook op een andere wijze worden opgebouwd. Vanuit fiscaal perspectief is pensioen minder aantrekkelijk indien u bij uitkering van het pensioen 52% belasting betaalt. Pensioenopbouw levert namelijk een belastingbesparing op van 40% tot 43,75%. Hebt u voldoende pensioen opgebouwd, dan kan het voordelig zijn om daarmee te stoppen en te bekijken op welke wijze u voorts in uw oudedagsvoorziening wilt voorzien.

 

Pas uw pensioenregeling aan voor 1 januari 2015

De fiscale wetgeving voor pensioenen wordt gewijzigd per 1 januari 2015. De jaarlijkse opbouwmogelijkheden worden wat kleiner en het maximale pensioengevend loon wordt afgetopt op € 100.000. Zorg dat uw pensioenregeling voor dit moment is gewijzigd. Als dit niet voor 1 januari gewijzigd is, is er sprake van een onzuivere pensioenregeling. Dit kan leiden tot het direct afrekenen over de totale pensioenaanspraak.

 

BV of eenmanszaak?

Bij inkomstenbelastingondernemers is de winst effectief belast tegen maximaal 44,72%. Dit komt doordat 14% van de fiscale winst is vrijgesteld (mkb-winstvrijstelling). Effectief is de marginale belastingdruk dus 44,72% (52% * 86%). Door de vele faciliteiten, zoals de zelfstandigenaftrek en de FOR (Fiscale Oudedagsreserve), wordt de belastingdruk verder verlaagd. Alle winst, of dit nu voortvloeit uit de arbeidsinspanning of uit kapitaal, wordt in de inkomstenbelasting hetzelfde belast.   In de BV bedraagt de gecombineerde inkomsten- en vennootschapsbelastingdruk 40% – 43,75%. Dit betreft echter de winst na aftrek van het loon van de DGA. Dat loon wordt belast tegen maximaal 52%. De totale belastingdruk in de BV is vrijwel altijd hoger dan bij ondernemers in de inkomstenbelasting. Uiteraard zijn er vele andere, niet-fiscale overwegingen om te (blijven) ondernemen in een BV. Bij winsten tussen de € 150.000 en € 200.000 dient u de BV echter fiscaal te heroverwegen.