Afschaffing Verklaring Arbeidsrelatie

Op 1 mei vervalt de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR). De VAR gaf aan opdrachtgevers vooraf zekerheid over de voorgenomen arbeidsrelatie. Opdrachtgevers wisten zeker dat ze geen loonheffingen hoefden in te houden en af te dragen voor de ingehuurde arbeidskrachten. De VAR geeft de zelfstandige ondernemer geen zekerheid of er sprake was van een loondienstverband. Als achteraf bleek dat er toch in loondienst was gewerkt werden de ondernemersfaciliteiten teruggenomen. De opdrachtgever was echter niet aansprakelijk.

Wat verandert er?
Door de invoering van de modelovereenkomsten is er sprake van een gedeelde verantwoordelijkheid bij de opdrachtgever en opdrachtnemer. Als achteraf blijkt dat er toch sprake is van loondienst dan zijn beide partijen aansprakelijk voor de eigen belasting- en premieverplichtingen. De Belastingdienst heeft in samenwerking met onder andere VNO-NCW, MKB Nederland en FNV Zelfstandigen een aantal algemene modelovereenkomsten opgesteld. Daarnaast zijn er ook modelovereenkomsten voor specifieke branches en beroepsgroepen. Denk daarbij aan overeenkomsten voor artiesten, waarnemende huisartsen, ICT professionals en zelfstandigen in de bouw. Een aantal bepalingen in deze overeenkomsten zijn vast en mag u niet aanpassen. Deze zijn namelijk van wezenlijk belang als het gaat over het wel of niet aanwezig zijn van een dienstverband.

Definitie dienstverband
Wanneer u gebruik maakt van de door de Belastingdienst beschikbaar gestelde modelovereenkomsten dan hoeft u deze niet ter goedkeuring voor te leggen. Dit is wel nodig als u een eigen overeenkomst wilt gebruiken. Bij alle overeenkomsten draait het steeds om de vraag of er géén sprake is van een dienstverband. Om dit vast te kunnen stellen is het handig om te weten wanneer er wél een dienstverband is.

Een dienstbetrekking heeft de volgende kenmerken:
• de werknemer is verplicht om voor de werkgever te werken;
• de werkgever is verplicht om de werknemer voor het werk salaris te betalen;
• tussen de werknemer en de werkgever bestaat een gezagsverhouding.

Volgens de Belastingdienst is er sprake van een echte zelfstandige als deze:
• zich vrij kan laten vervangen;
• alleen een vergoeding krijgt voor de werkelijk gemaakte kosten;
• de werkzaamheden zelfstandig en naar eigen inzicht kan uitvoeren.

Wanneer u een stukadoor, een tuinman of een schilder inhuurt voor een klus dan is duidelijk dat er geen sprake is van een dienstverband. Wanneer er echter sprake is van een duurzamere samenwerking dan wordt het lastig. Vaak maakt u gebruik van iemand om zijn specifieke kwaliteiten en heeft u een mening over de wijze waarop het werk verricht moet worden. U wilt niet dat er zomaar iemand anders komt en u geeft al snel richtlijnen waaraan iemand zich moet houden. En daar zit natuurlijk het probleem.

De grenzen tussen het wel of niet aanwezig zijn van een dienstverband zijn niet zo duidelijk als de Belastingdienst het wil doen voorkomen. Opdrachtgevers en opdrachtnemers krijgen van de Belastingdienst tot 1 mei 2017 de tijd om hun werkwijze indien nodig aan te passen. U bent trouwens niet verplicht om een modelovereenkomst of voorgelegde overeenkomst te gebruiken.  De opdrachtgever moet dan zelf bepalen of er sprake is van een dienstbetrekking en of hij bijvoorbeeld wel of geen loonheffingen moet betalen. Ons advies is om afspraken schriftelijk vast te leggen en gebruik te maken van de modelovereenkomsten.

Bij vragen over het toepassen van de juiste modelovereenkomst adviseren wij u graag !

Medewerker in de spotlights: Vera de Boer

Mijn naam is Vera de Boer

Ik ben MKB-adviseur bij Duisenburgh Administratie & Fiscaal Advies. Momenteel ben ik 8 jaar in dienst bij Duisenburgh en stap ik nog elke dag met een glimlach op mijn gezicht in de auto om naar het werk te rijden. De sfeer op kantoor, de collega’s en de afwisseling van het werk zorgen er dagelijks voor dat ik veel plezier heb in mijn werk.

Mijn rol binnen Duisenburgh

Binnen Duisenburgh heb ik als MKB adviseur de verantwoordelijkheid voor een gevarieerde klantenportefeuille. Dit zijn grotendeels vermogende ondernemers. Het is mijn streven om een langdurige relatie met mijn klanten op te bouwen. Wederzijds vertrouwen is de basis om de volledige financiële administratie uit handen van mijn klanten te mogen nemen.

Mijn werkzaamheden binnen Duisenburgh bestaan voornamelijk uit:
– analyseren en controleren van de financiële administraties
– opstellen van de jaarrekening
– doen van aangiften vennootschapsbelasting, omzetbelasting, inkomstenbelasting
– adviseren van financiële- en fiscale vraagstukken
– opstellen van maand- en of kwartaalrapportages
– opstellen van diverse overeenkomsten
– back-up zijn voor de salarisadministratie
Daarnaast denk ik graag proactief mee in financiële oplossingen voor mijn klanten en mijn collega’s binnen Duisenburgh.

Werk en privé

Oorspronkelijk kom ik uit het westen van het land en wel uit Wassenaar. In 1994 ben ik samen met mijn toenmalige echtgenoot naar Brabant verhuisd om samen een autobedrijf op te starten in het mooie Someren. Na de geboorte van mijn twee dochters kreeg ik toch weer behoefte om mijn vroegere vak als “administrateur” op te pakken. In Someren ben ik toen een administratiekantoor begonnen. Na een paar jaar is dit administratiekantoor overgenomen door Welten. Ik heb toen als Hoofd Financiële Zaken tien jaar bij Welten gewerkt. Uiteindelijk heb ik in overleg met Tommy Meeuws besloten om de overstap naar Duisenburgh te maken. Van deze keuze heb ik nog geen dag spijt en hoop nog lang deel uit te maken van het Duisenburgh-team. Ik vind het erg belangrijk om zo optimaal mogelijk voor mijn klanten klaar te staan dus zorg ik ervoor dat ik in mijn vrije tijd voldoende onderneem om mezelf te ontspannen. Ik ga graag met mijn vrienden en vriendinnen naar de bioscoop, uit eten of naar het theater.  Mijn beide dochters en mijn schoondochter zijn super belangrijk voor mij. Zij halen het beste uit mij naar boven en steunen mij daar waar nodig. Wandelen met mijn hond geeft mij ook rust en ontspanning.

Eindejaarstips van Duisenburgh

December, 2015 Fiscaal advies | door Joris de Man | Barry Jansen

 

Het einde van het jaar nadert. Duisenburgh geeft u graag nog wat tips.
Heeft u vragen over een van onderstaande onderwerpen, of wenst u graag meer informatie?  Neem dan vrijblijvend contact op met één van onze adviseurs.
U kunt ons bereiken via 040-22 22 112

Hypotheken

Lager maximaal leenbedrag
De regering heeft besloten dat het maximale bedrag dat u kunt lenen voor uw huis de komende jaren in stappen naar beneden gaat. In 2015 kunt u nog 103% van de marktwaarde lenen, daarna daalt het percentage ieder jaar met 1%. In 2018 is het maximaal te lenen bedrag de waarde van uw woning waar de taxateur uw huis op taxeert. Uitzondering hierop is het verkoopverlies bij huidige woning. (deels mee te financieren bovenop het percentage van de marktwaarde)

In de tabel hieronder ziet u wat dit per stap voor het maximale leenbedrag betekent.

Jaar % van de marktwaarde Maximaal leenbedrag
(bij marktwaarde van € 250.000,-)
2015 103% € 257.500,-
2016 102% € 255.000,-
2017 101% € 252.500,-
2018 100 % € 250.000,-

 

Perspectiefverklaring voor uitzendkrachten biedt mogelijkheden tot het verkijgen van een hypotheek
Uitzendorganisatie Randstad, hypotheekverstrekker Obvion en Vereniging Eigen Huis hebben samen met verschillende financiële instanties een constructie bedacht waarmee uitzendkrachten bij hypotheekverstrekkers effectiever aanspraak kunnen maken op een hypotheek. Naast de gebruikelijke uitzendovereenkomst krijgen uitzendkrachten ook een zogenoemde perspectiefverklaring. Door middel van deze verklaring wordt inzichtelijk welke perspectieven de uitzendkracht heeft op de arbeidsmarkt. De perspectiefverklaring is een vervanger van de werkgeversverklaring. De werkgeversverklaring wordt echter door de hypotheekverstrekkers wel geaccepteerd alleen is deze verklaring voor veel uitzendkrachten een onvoldoende basis om een hypotheek te kunnen ontvangen. De perspectiefverklaring is voor veel uitzendkrachten een uitkomst.

 

Hypotheek mogelijkheden startende ondernemer
Een hypotheek voor ondernemers is anders dan voor loondienstmedewerkers. Bij zelfstandige ondernemers wordt het inkomen bepaald op basis van een toets inkomen en niet op basis van een loonstrookje. Het beoordelen van dit zakelijk inkomen gaat verder dan het beoordelen van de gemiddelde winst over de afgelopen 3 jaren. Er zijn binnen Duisenburgh mogelijkheden voor startende ondernemers die minimaal 1 volledig jaar actief zijn. De goede contacten bij geldverstrekkers die gespecialiseerd zijn in hypotheken voor ondernemers maken ons hypotheekadvies voor startende ondernemers compleet.

Belastingvoordelen en vrijstellingen

 

Voorlopige aanslag 2016 IB
Bij veel belastingplichtigen is de voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2016 al op de deurmat gevallen. Op basis van deze voorlopige aanslag betaalt u maandelijks een gedeelte van de inkomstenbelasting over 2016, of ontvangt u maandelijks een voorschot van de belastingdienst. Het is verstandig te controleren of deze voorlopige aanslag in lijn is met het te verwachten inkomen in 2016. Als u een bedrag moet betalen biedt de Belastingdienst een betalingskorting als de voorlopige aanslag in één keer wordt betaald. Deze betalingskorting is interessant als u op uw betaal- en/of spaarrekening geen of een lage rente ontvangt. Een tweede belastingvoordeel is te behalen indien uw vermogen in box 3 per 31 december 2015 boven de € 24.347 of als u een fiscaal partner heeft boven de €48.694 uitkomt. Door de aanslag voor 31 december 2015 te betalen verminderd u de grondslag voor de box 3 belasting in 2016, dit bespaart u 1,2% belasting over het betaalde bedrag.

 

Periodieke giften vastleggen in onderhandse schenkingsakte
Als u jaarlijks donaties doet aan dezelfde goeddoelinstelling kunt u overwegen om de donaties voor een periode van minimaal 5 jaar vast te leggen in een onderhandse schenkingsakte (dus zonder tussenkomst van de notaris). Het voordeel van het vastleggen van de donatie in een periodieke schenkingsakte is dat de drempel voor giftenaftrek vervalt en de gift voor 100% in uw aangifte inkomstenbelasting in aftrek kan worden gebracht. Uw fiscaal voordeel is hierdoor groter en stelt u in staat om eventueel een groter bruto bedrag de goeddoelinstelling te schenken zonder dat het u per saldo meer kost. Bijgaand de link van de overeenkomst om de periodieke gift schriftelijk vast te leggen.
https://download.belastingdienst.nl/belastingdienst/docs/overeenkomst_%20period_gift_in_geld_ib0802z2fol.pdf

 

Boetevrije som van uw hypotheek herfinancieren bij de vennootschap
Als u in uw vennootschap overtollige liquiditeiten heeft die niet of slechts tegen een lage rentevergoeding renderen, kunt u overwegen om de hypotheek van uw eigen woning te herfinancieren. Als de rentetermijn van uw hypotheek nog een tijd loopt is het niet altijd aantrekkelijk om de gehele hypotheek in één keer over te sluiten. Wel kunt u dan overwegen om de boetevrije som (vaak 10% of 20%) af te lossen bij de bank en deze vanuit de vennootschap over te nemen. Bij het oversluiten blijven dezelfde fiscale voorwaarden aan de eigenwoninglening verbonden. Als u uw aflossingsvrije hypotheek oversluit naar de vennootschap blijft de lening aflossingsvrij. In alle gevallen zal wel een zakelijke rente bedongen moeten worden.

 

Verstrek uw kinderen een lening voor de eigen woning
Laat uw kinderen geld van u of uw vennootschap lenen als zij een eigen woning willen kopen. U verkrijgt zo een hogere rente op uw spaargeld en uw kinderen kunnen deze rente gewoon aftrekken in box 1. Daarnaast bent u als geldverstrekker flexibeler bij het vaststellen van het rentepercentage en de financieringsvoorwaarden.

 

Verplicht melding maken van eigenwoningschuld bij de eigen BV
Heeft u in 2015 een nieuwe lening voor de eigen woning niet bij een bank of een andere financiële instelling afgesloten, maar bijvoorbeeld bij een familielid of bij de vennootschap van uw ouder, dan moet u dit melden aan de Belastingdienst. Doet u dit niet op tijd, dan heeft u geen recht op een hypotheekrenteaftrek voor deze nieuwe lening. U moet de lening melden met het formulier ‘opgaaf lening eigen woning’ dat de Belastingdienst op haar website heeft staan. U stuurt het formulier in bij het doen van de aangifte inkomstenbelasting 2015, maar uiterlijk vóór 31 december 2016. De hypotheekrenteaftrek is dan gewaarborgd. Wijzigingen in bestaande leningen welke in 2015 hebben plaats gevonden dient u ook door te geven en moeten vóór 1 februari 2016 worden gemeld. Via onderstaande link is het formulier om uw eigenwoningschuld bij de belastingdienst te raadplegen. https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/themaoverstijgend/programmas_en_formulieren/opgaaf_lening_eigen_woning

Let wel: vanaf belastingjaar 2016 hoeft voor een dergelijke woningschuld geen apart formulier ingevuld te worden. Er wordt dan naar gevraagd in de aangifte.

 

Investeringsaftrek onderneming
Als u in een boekjaar investeert in bedrijfsmiddelen, dan kunt u in aanmerking komen voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. De bedrijfsmiddelen waarin u investeert moeten dan wel in aanmerking komen voor investeringsaftrek. Het bedrag van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek hangt af van het geïnvesteerde bedrag in het boekjaar. De aftrek bedraagt maximaal 28% bij een bedrag aan investeringen tot € 55.746. Investeringen boven de € 309.693 leveren geen extra aftrek op. Door uw voorgenomen investeringen in de maand december te plannen of juist uit te stellen kunt u optimaal gebruikmaken van de investeringsaftrek in 2015 en/of 2016.

Investering Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek
niet meer dan € 2.300 0%
€ 2.301 t/m € 55.745 28%
€ 55.746 t/m € 103.231 € 15.609
€ 103.232 t/m € 309.693 € 15.609 verminderd met 7,56% van het deel van het investeringsbedrag boven de € 103.231
meer dan € 309.693 0%

 

Kinderen op de loonlijst in het kader van de bedrijfsoverdracht
Indien u overweegt om uw onderneming in de toekomst aan uw kinderen over te dragen is het aan te bevelen om uw kinderen dit jaar nog op de loonlijst van uw onderneming te zetten. Na een periode van 36 maanden kan de onderneming geheel of gedeeltelijk met een beroep op de bedrijfsopvolgingsfaciliteit nagenoeg zonder belastingheffing aan uw kinderen worden geschonken. Het maakt daarbij niet uit voor hoeveel uur ze op de loonlijst staan.

 

Vrijstelling groenbeleggingen
Groene beleggingen zijn beleggingen in fondsen die deelnemen in projecten voor milieubescherming. Voor groene beleggingen geldt een vrijstelling in box 3. Dat betekent dat u geen belasting hoeft te betalen als de waarde van deze beleggingen niet boven de € 56.928 (of € 113.856 als u een fiscaal partner heeft) uitkomt. Het te realiseren belastingvoordeel in box 3 bedraagt maximaal € 1.366 per jaar. Naast de vrijstelling in box 3 hebt u ook recht op een extra heffingskorting. De heffingskorting bedraagt 0,7% van het bedrag van de vrijstelling in box 3 waar u, eventueel samen met uw partner, recht op hebt. Door in december nog in te stappen in dergelijke fondsen realiseert u een belastingbesparing in 2016 als uw vermogen per 1 januari 2016 in box 3 boven de € 24.347 (of als u een fiscaal partner heeft € 48.694) uitkomt.

 

 

Belastingplan 2016

Belastingplan 2016: Wat kunt u verwachten op fiscaal gebied? 

Het Belastingplan 2016 staat in het teken van belastingverlaging. Het kabinet vermindert de lasten op arbeid volgend jaar met € 5 miljard. Dit staat in het Belastingplan dat staatssecretaris Wiebes van Financiën op Prinsjesdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Wat kunt u, op basis van dit voorstel, verwachten op fiscaal gebied?

 

Werknemers

De meeste werknemers houden vanaf volgend jaar netto meer geld over. De tarieven in de 2e en 3e belastingschijf gaan omlaag, terwijl de arbeidskorting fors stijgt. Ook verhoogt het kabinet de bovengrens van de 3e belastingschijf. Daar staat tegenover dat de algemene heffingskorting voor hogere inkomens wordt afgebouwd. Werknemers met jonge kinderen profiteren van een verhoging van de inkomensafhankelijke combinatiekorting en van de kinderopvangtoeslag.

 

Werkgevers

Voor werkgevers wordt het aantrekkelijker om mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Vanaf 2017 krijgen werkgevers een tegemoetkoming van maximaal € 2.000 per jaar voor elke werknemer die rond het minimumloon zit. Het kabinet schaft de uitzonderingsregel bij bijzondere beloningen zoals vakantiegeld en eindejaarsuitkeringen af. Hiermee voorkomt ze dat de werknemer later moet bijbetalen, indien de werkgever te weinig loonheffing heeft ingehouden.

 

Hoger heffingsvrij vermogen in box 3

Op dit ogenblik betaalt u over uw spaargeld 30% belasting over een fictief rendement van 4% (per saldo dus 1,2% belasting), terwijl lang niet iedereen dit rendement behaalt (met enkel spaargeld). De meeste banken bieden op dit moment een rente van onder de 1%. Is deze belastingheffing daarom wel eerlijk? Dit is een vraag die veel mensen bezighoudt. Het kabinet wil de vermogensrendementsheffing in box 3 aanpassen en afhankelijk maken van de hoogte van het vermogen. Het heffingsvrije vermogen stijgt dan naar € 25.000 (in 2015: € 21.330). Het tarief van 30% wordt gehandhaafd. Hierdoor sluit de heffing volgens de staatssecretaris gemiddeld beter aan bij het rendement dat belastingbetalers werkelijk behalen. In onze ogen is dit echter afhankelijk van het risicoprofiel van de klant.

 

Schenkingsvrijstelling

De vrijstelling voor een eenmalige schenking voor de eigen woning wordt verhoogd en verruimd. Het maximale schenkingsbedrag gaat vanaf 2017 structureel omhoog naar € 100.000. Daarnaast vervalt de beperking dat de schenking door een ouder aan een kind moet worden gedaan. De voorwaarde dat de ontvanger van een schenking tussen de 18 en 40 jaar oud moet zijn, blijft bestaan.

 

Van wetsvoorstel naar ingang

Het Belastingplan 2016 is een wetsvoorstel dat op Prinsjesdag is aangeboden aan de Eerste en Tweede Kamer. Zij behandelen de voorstellen. Na hun goedkeuring en publicatie in het Staatsblad, gaat de wet op 1 januari 2016 in. Uiteraard volgen wij de ontwikkelingen rondom de kabinetsplannen nauwgezet. Bent u ondernemer en wilt u weten wat het nieuwe belastingplan 2016 voor u en uw onderneming betekent? Neem dan contact op met de fiscalist.

 

Massaal bezwaar tegen de box 3 heffing

 

Is 4% fictief rendement nog wel reëel?

Op dit ogenblik betaalt u over uw spaargeld 30% belasting over een fictief rendement van 4% (per saldo dus 1,2% belasting), terwijl lang niet iedereen dit rendement behaalt (met enkel spaargeld). De meeste banken bieden op dit moment een rente van onder de 1%. Is deze belastingheffing daarom wel eerlijk? Dit is een vraag die veel mensen bezighoudt. Het kabinet is al van plan om met een wetsvoorstel te komen om het standaardrendement niet voor het gehele box 3 vermogen op een gelijk percentage te stellen, maar een onderscheid te maken tussen spaargeld, beleggingen en andere bezittingen. Daarnaast wil men het standaardrendement regelmatig aanpassen en zo dus meer gelijk trekken met het daadwerkelijke rendement dat u op uw vermogen behaalt. Of deze belastingplannen het halen, is nog niet zeker.

Daarnaast speelt op dit moment de discussie of de box 3 heffing niet in strijd is met de Europese wetgeving. Een fors aantal belastingplichtigen heeft inmiddels bezwaar aangetekend en er liggen een paar proefprocedures in het verschiet. De staatssecretaris heeft onlangs laten weten dat hij hiervoor een massaal bezwaarprocedure instelt. Dit betekent dat u niet zelf een bezwaarschrift hoeft in te dienen, maar dat u mee kunt liften op de uitkomsten van deze procedure. Hieraan zijn echter wel voorwaarden verbonden.

Veranderingen in het arbeidsrecht

De Eerste Kamer heeft ingestemd met de maatregelen uit de Wet werk en zekerheid. Dit betekent dat per 1 januari 2015 de regels met betrekking tot de proeftijd en het concurrentiebeding veranderen. Per 1 juli 2015 wordt de ketenbepaling verkort en gaat het ontslagrecht op de schop. Volgens minister Asscher krijgen mensen met tijdelijke contracten meer recht op fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden en worden de ontslagvergoedingen eerlijker verdeeld. Maar of u daar als werkgever blij mee bent….?

 

Veranderingen in de wet per 1 januari 2015

Proeftijd

Met ingang van 1 januari 2015 is het niet meer mogelijk om een proeftijd op te nemen in arbeidsovereenkomsten van zes maanden en korter.

We zetten het even voor u op een rijtje. Bij een arbeidsovereenkomst van:

  • Zes maanden of korter: geen proeftijd;
  • Meer dan zes maanden maar minder dan twee jaar: proeftijd van één maand;
  • Twee jaar of langer of onbepaalde tijd: proeftijd van twee maanden.

 

Concurrentiebeding

Ook de regels met betrekking tot het concurrentiebeding in tijdelijke arbeidsovereenkomsten veranderen. Op dit moment mag u zowel in tijdelijke als in vaste contracten nog een concurrentiebeding opnemen. Per 1 januari 2015 kan er alleen een concurrentie- of relatiebeding in een arbeidsovereenkomst worden opgenomen als er sprake is van zwaarwegend bedrijfsbelang. In het beding moet u dit bedrijfsbelang gemotiveerd onderbouwen.

 

Aanzegtermijn

Een laatste belangrijke maatregel die ingaat per 1 januari 2015 is de invoering van de aanzegtermijn bij tijdelijke contracten. Bij een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van zes maanden of langer moet de werkgever uiterlijk een maand voor het einde van de overeenkomst schriftelijk aangeven of het contract verlengd wordt of niet en zo ja, onder welke voorwaarden.

 

Veranderingen per 1 juli 2015

Ketenregeling

Op dit moment mag u maximaal drie arbeidsovereenkomsten sluiten met een totale duur van drie jaar. Na deze periode kunt u alleen nog verder met uw werknemer als u een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aanbiedt. De keten start opnieuw na een tussenpoos van meer dan drie maanden.

Per 1 juli 2015 wordt de ketenbepaling verkort en mogen de drie opvolgende arbeidsovereenkomsten nog maar maximaal twee jaar duren. Om de keten opnieuw te kunnen opstarten moet uw werknemer zes maanden uit dienst zijn.

 

Transitievergoeding

Wanneer een werknemer 24 maanden of langer in dienst is geweest op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd of onbepaalde tijd en deze overeenkomst wordt beëindigd, dan heeft de werknemer recht op een in de wet bepaalde vergoeding. Deze vergoeding is gesteld op 1/3 maandsalaris per jaar in dienst en bedraagt maximaal € 75.000, of een jaarsalaris als dat hoger is.

De transitievergoeding (ontslagvergoeding) is van toepassing als het initiatief bij de werkgever ligt:

  • bij opzegging met toestemming UWV door werkgever;
  • bij ontbinding door kantonrechter op verzoek van werkgever;
  • wanneer een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (met een totale looptijd van twee jaar of langer) niet wordt voortgezet op initiatief van de werkgever.

Er is geen transitievergoeding verschuldigd als de werknemer zelf ontslag neemt en als er sprake is van beëindiging met wederzijds goedvinden.

 

Ontslagrecht op de schop

De werkgever heeft nu nog de keuze uit twee mogelijkheden om zijn werknemer te ontslaan. Hij kan een ontslagvergunning aanvragen bij het UWV of kiezen voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter.

Vanaf 1 juli 2015 ligt de ontslagroute vast. Hierbij is de reden voor ontslag bepalend. Bij reorganisatie en ingeval van langdurige arbeidsongeschiktheid gaat ontslag via het UWV. Voor alle andere redenen moet u bij de Kantonrechter zijn.

Bij ontslag in proeftijd of ontslag op staande voet hoeft u niet vooraf toestemming te vragen.

De werkkostenregeling voor iedereen verplicht

Vanaf 1 januari 2014 is de werkkostenregeling (WKR) verplicht voor elke werkgever. Binnen de WKR kunt u maximaal 1,2% van het fiscale loon besteden aan onbelaste vergoedingen voor uw werknemers. U moet hierbij denken aan feestdagengeschenken boven € 25, een personeelsetentje, het personeelsfeest/-uitstapje of een fiets van de zaak. Voor de WKR moet u de vergoedingen vastleggen inclusief BTW.

Wanneer u de vrije ruimte overschrijdt, betaalt u hierover loonbelasting in de vorm van een eindheffing van 80%. U moet deze eindheffing uiterlijk afrekenen in januari na afloop van het boekjaar.

Gerichte vrijstellingen

Dit zijn kosten waarvoor bepaald is dat ze belastingvrij mogen worden vergoed. Deze kosten komen niet ten laste van de vrije ruimte.

Voorbeelden zijn: studiekosten, zakelijke reiskosten tot maximaal 0,19 cent, verblijfkosten, maaltijden als gevolg van overwerk, werklunches en werkdiners met zakelijke relaties en vakliteratuur.

Nihil waarderingen

Dit zijn vergoedingen die eigenlijk wel onder de vrije ruimte vallen, maar omdat ze tegen NIHIL gewaardeerd worden de vrije ruimte niet verkleinen.

Hieronder vallen zaken als telefoon, arbo-voorzieningen, gereedschap, computers of laptop. De voorwaarde dat er bij de telefoon en computer of laptop een verplicht percentage aan zakelijk gebruik moet zijn is vervallen. Invoering van het noodzakelijkheidscriterium zorgt ervoor dat er voorzieningen vergoed of verstrekt mogen worden aan de werknemer omdat ze nodig zijn voor het uitvoeren van zijn werk zonder dat er rekening gehouden moet worden met privé voordeel.

Voorwaarden:

  • Werknemer moet de voorziening ook echt gebruiken voor zijn werk;
  • Het bedrijf moet de voorziening volledig betalen.

Aanpassing financiële administratie

De Belastingdienst eist dat uit de financiële administratie eenvoudig kan worden gerapporteerd wat het totaal aan kosten bedraagt dat de vrije ruimte vult.

Het eindejaarsgesprek: maak er eens iets moois van!

Het jaar is weer bijna ten einde en binnenkort gaat u als werkgever mogelijk de functioneringsgesprekken houden. U wilt immers als goed werkgever ééns per jaar een goed gesprek houden met uw werknemers. Het functioneren van werknemers wordt in dit soort gesprekken tegen het licht gehouden. Velen zijn blij als het weer voorbij is. Maar het kan ook anders. U wilt immers een gemotiveerde werknemer. Een eindejaarsgesprek kan daartoe bijdragen, mits u zich goed voorbereidt.

Bedenk vooraf wat de structuur van het gesprek zal zijn, maak een soort agenda. U kunt hierbij gebruik maken van een beoordelingsformulier. In grote lijnen bestaat dit formulier uit twee onderdelen. Het eerste deel vult u vooraf in. Hier beoordeelt u het functioneren van uw werknemer. Kies tussen de 6 en 9 vaardigheden waarop u gaat beoordelen. Deze vaardigheden kunnen per functie variëren. Met behulp van kruisjes geeft u aan of u de prestatie onvoldoende, matig, voldoende of goed vindt. Geef tijdens het gesprek een toelichting op uw beoordeling.

Het functioneren van uw werknemer

Medewerkers hebben zelf vaak niet door hoe ze functioneren of wat hun sterke en hun zwakke punten zijn. Veel mensen denken, soms terecht of onterecht, dat ze beter zijn dan anderen. Aan de ander kant zijn er ook mensen die een negatiever beeld van zichzelf hebben. Feedback van een leidinggevende helpt om de eigen positie te bepalen. Hierdoor komt de werknemer er achter wat hij goed doet en wat beter kan. Een compliment heeft een sterk motiverende werking. Krijgen werknemers te horen dat ze ergens goed in zijn, dan geeft dat energie en moedigt aan om nog harder te werken. Maar ook als niet alles goed gaat moet dit besproken kunnen worden. Medewerkers hebben kritiek nodig om zichzelf te kunnen ontwikkelen. Het geven van kritiek is echter een kunst op zich. U wilt uw werknemer niet de grond in boren. Speel daarom niet op de persoon, maar benoem de situatie die niet goed is en geef aan hoe het anders kan.

Actie- en verbeterpunten

Nadat u het functioneren van uw werknemer besproken heeft, vraagt u naar de reactie van de werknemer. Hier start het tweede onderdeel van uw beoordelingsformulier. U bespreekt met uw werknemer op welke manier zijn motivatie en functioneren (nog) beter kan. Hoe kunnen veranderingen in de werkomstandigheden hieraan bijdragen en hoe kunnen de capaciteiten van uw werknemer zo goed mogelijk benut worden. Zorg dat de afspraken die u maakt redelijk en haalbaar zijn. Leg de afspraken die u maakt vast. Plan een datum wanneer u de vorderingen over de gemaakte afspraken met elkaar bespreekt . Wacht hiermee niet tot het volgende functioneringsgesprek!

Tot slot tekenen beide partijen het beoordelingsformulier voor akkoord. Mocht uw werknemer hier niet mee instemmen, dan mag hij ook “voor gezien” tekenen. De werknemer ontvangt een exemplaar van het beoordelingsformulier en u bewaart het formulier in het personeelsdossier.

Structuur en een formulier kunnen u helpen bij het houden van een motiverend eindejaarsgesprek. Uw eigen bevlogenheid en enthousiasme zijn echter minstens even belangrijk. Goed voorbeeld doet immers goed volgen.

Veel succes!

Méér winst door een goede bedrijfsadministratie

Is bedrijfsadministratie een noodzakelijk kwaad? Veel ondernemers kijken op deze manier tegen het voeren van hun administratie aan. Wellicht logisch, gezien vanuit het perspectief van de ondernemer die goed is in zijn eigen “business”, maar een broertje dood heeft aan alles wat maar met boekhouding of administratie te maken heeft. Wellicht logisch, gezien vanuit het perspectief van de verplichte bedrijfsadministratie als onderdeel van het spel met de belastingdienst: ook al zo’n noodzakelijk kwaad.

 

Bedrijfsadministratie als waardevol bedrijfsproces

Maar elke ondernemer beseft wel degelijk: bedrijfsadministratie is niet een noodzakelijk kwaad. Eerder een noodzakelijk bedrijfsproces, dat, mits goed ingericht, veel geld kan opleveren voor uw bedrijf. Immers, de administratie (en sub-administratie van elk bedrijfsonderdeel proces) neemt een centrale positie in uw bedrijf. Met het voeren van een goede bedrijfsadministratie verzamelt u op systematische wijze data van afdelingen binnen uw bedrijf. Een gigantische informatiedatabase dat ten dienste staat van de belangrijkste doelstellingen van uw bedrijf: winst maken en kosten reduceren.

 

Registratie van uw bedrijfsgegevens

Met een goede registratie van uw bedrijfsgegevens heeft u snel de beschikking over de cijfers en resultaten van uw bedrijf. U krijgt sneller inzicht in uw kosten, uw omzet en uw winst. Aan de hand hiervan kunt u inspelen op ontwikkelingen en uw activiteiten eventueel bijstellen. De registratie van bedrijfsgegevens is de basis voor accuraat debiteuren- en crediteurenbeleid.

 

Managementinformatie

Informatie verstrekken aan het bedrijfsmanagement is onontbeerlijk voor het goed functioneren van uw bedrijf. Groot of klein: uw bedrijfsadministratie geeft inzicht in omzetten, kosten, ontwikkelingen en trends. Op basis van deze informatie neemt u de belangrijkste beslissingen. Actuele en accurate registratie van gegevens zijn hier van groot belang. Ook kleinere ondernemingen hebben vaak te weinig zicht op de ondernemingscijfers en dus de prestaties. Het aansturen van een bedrijf “op gevoel” gebeurt nog vaak, zonder dat dit gevoel wordt onderbouwd met correcte en actuele cijfers.

 

Controle

Interne controle is een groot goed voor uw bedrijf. Zeker als uw bedrijf groeit, wordt het steeds lastiger om bedrijfsprocessen te doorgronden. Door op systematische wijze bedrijfsgegevens vast te leggen kunt u een goede interne controle en administratieve organisatie inrichten. De kans op fouten wordt aanzienlijk verminderd en de winst qua tijd en efficiëncy is groot.

 

Bedrijfsadministratie en de fiscus

Ook voor de Belastingdienst dient u de administratie juist aan te leveren. De administratie van uw bedrijf is voor de fiscus essentieel bij de controle van de belastingaangiften. U heeft zelfs een wettelijke administratieplicht. Voldoet u niet aan deze verplichting, dan geeft u de belastinginspecteur min of meer vrij spel om de winst zelf te berekenen (hij moet dit wel aannemelijk kunnen maken). De administratieplicht gaat niet alleen om het vastleggen van de cijfers, maar ook over bijvoorbeeld het vastleggen van bestuurs- en beheersdaden of andere zaken die de interne organisatie aangaan. U heeft daarnaast een fiscale administratie- en bewaarplicht gedurende 7 jaar (bij onroerende zaken 10 jaar). Wel heeft u de vrijheid om zelf te bepalen hoe u uw administratie inricht. De administratie moet in ieder geval ordelijk en betrouwbaar zijn.

 

Bedrijfsadministratie en financieel advies

Noodzakelijk kwaad of waardevol bedrijfsproces? Oordeel zelf zou ik zeggen. In ieder geval is de bedrijfsadministratie de financiële basis voor elke onderneming. Wij verzorgen graag voor uw bedrijf de financiële administratie, de loonadministratie, jaarrekeningen en belastingaangiftes. Maar bij Duisenburgh is dat pas het begin! Uw financiële rapportages zijn tevens de basis voor ons vermogensadvies, financieel advies en fiscaal advies. Onze adviseurs van Duisenburgh Vermogensregie en Duisenburgh Financieel Advies raadplegen daarom ook vaak hun collega’s van Duisenburgh Administratie en Fiscaal Advies. Wel zo handig dat we bij elkaar zitten.

 

 

 

 

 

Laatste ontwikkelingen in de werkkostenregeling

Als werkgever kunt u gebruik maken van de werkkostenregeling (WKR). U mag 1,5% (2013) van het totale fiscale loon (vrije ruimte) gebruiken voor onbelaste onkostenvergoedingen en verstrekkingen voor uw personeel. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om kerstpakketten, fietsen en parkeergelden. De vrijstelling geldt niet voor boetes of een auto van de zaak. Wij informeren u graag over de laatste ontwikkelingen in de werkkostenregeling.

 

Het is de bedoeling dat de werkkostenregeling het systeem van vrije vergoedingen en verstrekkingen vervangt. De werkkostenregeling geldt sinds 1 januari 2011. U kiest of u gebruikt maakt van de werkkostenregeling of van de oude regelingen voor vrije onkostenvergoedingen en verstrekkingen. Dat kan tot en met 2014. Vanaf 2015 geldt alleen nog de werkkostenregeling. Eerder kon u tot en met 2013 kiezen voor de werkkostenregeling. Het keuzesysteem is met 1 jaar verlengd.

 

Redenen verlenging

Tijdens het Algemeen Overleg van 27 maart 2013 tussen de Tweede Kamer en de Staatssecretaris van Financiën is onder andere de Werkkostenregeling aan de orde geweest. Het is geen optie om de werkkostenregeling af te schaffen. Ook is het geen optie om de werkkostenregeling en de huidige overgangsregeling naast elkaar te laten bestaan. De Staatssecretaris hoopt dat concrete voorstellen om de wet daadwerkelijk te wijzigen in het pakket Belastingplan 2014 (Prinsjesdag) terecht komen. Vandaar dat de Staatssecretaris heeft aangekondigd dat de verplichte toepassing van de werkkostenregeling pas vanaf 1 januari 2015 gaat gelden.

 

Noodzakelijkheidscriterium

De Staatssecretaris wil de werkkostenregeling bovendien vereenvoudigen en daarmee aantrekkelijker maken voor het MKB. Het doel is om het belastingvrij verstrekken van werkmiddelen eenvoudiger te maken en de bijbehorende administratieve lasten te verminderen. Via een verkenning worden de mogelijkheden voor vereenvoudiging in kaart gebracht. Eén van de mogelijkheden die wordt onderzocht is om het werkplekcriterium te vervangen door het noodzakelijkheidscriterium. Dit criterium wordt gedefinieerd als ‘een vergoeding of verstrekking voldoet aan het noodzakelijkheidscriterium en vormt dus geen belastbaar loon als deze in redelijkheid noodzakelijk is voor de behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking’. Het gaat om zaken waardoor de werknemer zijn werk beter kan doen en de werkgever dat ook vindt en uit dien hoofde een dergelijke vergoeding of verstrekking geeft.

 

In de verkenning wordt opgemerkt dat het noodzakelijkheidscriterium zich in het algemeen niet leent voor uitzonderingen. Echter, in sommige gevallen is het privévoordeel zo nadrukkelijk aanwezig en ook zo substantieel van omvang, dat het in strijd zou zijn met de maatschappelijke opvattingen om dat privévoordeel buiten aanmerking te laten. Hierbij valt te denken aan een door de werkgever ter beschikking gestelde auto, of huisvesting door of vanwege de werkgever.